Ketose bij koeien voorkomen

18/10/2022

Koeien kunnen rondom afkalven een vervette lever krijgen. Wat zijn de oorzaken van een vervette lever en hoe kunnen deze worden voorkomen?

Een koe in de negatieve energiebalans (NEB) verbruikt meer energie dan ze op kan nemen uit het rantsoen, omdat het kalf in de baarmoeder groeit. De laatste maand voor afkalven groeit een kalf nog minimaal 60 procent van het geboortegewicht.

Ten eerste kost de groei van het kalf extreem veel energie. Ten tweede, en misschien nog wel belangrijker, zorgt de groei van het kalf ervoor dat er minder ruimte is voor het voer in de pens. De pens wordt als ware iets weggedrukt. Dit is ook een van de redenen dat de drogestofopname van koeien voor afkalven zo sterk daalt.

Het vet van de rug

De NEB is het moment dat een koe ‘het vet van de rug’ gaat gebruiken. De energie die uit het lichaamsvet vrijkomt is de aanvulling voor het dier en haar foetus(sen). Dit vet van de rug wordt in de lever omgezet naar energie waar de koe wat mee kan. Dit is een natuurlijk proces, maar als er te veel lichaamsvet wordt afgebroken, kan de lever vervetten.

De lever slibt als het ware dicht. Als dit gebeurt, gaat de lever ketonen aanmaken in plaats van bruikbare energie. De koeien worden erg sloom en gaan nog minder vreten. Een te grote hoeveelheid ketonen in het bloed geeft een ziektebeeld genaamd ketose of slepende melkziekte.

Een van de belangrijkste organen

De lever is een van de belangrijkste organen van een koe, omdat de fermentatiezuren vanuit de pens in de lever worden omgezet in glucose. Glucose wordt in de melkklier omgezet in lactose en dit bepaalt de melkproductie.

Een vervette lever zuivert het bloed minder goed en produceert minder glucose. Een goede glucogene energievoorziening is belangrijk voor een goed functionerend afweersysteem. Door de lagere glucoseproductie vermindert de afweer, waardoor een hogere kans op baarmoeder of uierontsteking ontstaat. Als het afweersysteem minder werkt, ontstaat een verhoogde kans op problemen rond afkalven.

Zorgen voor genoeg energie

Het is belangrijk dat een koe genoeg energie binnenkrijgt vanuit het rantsoen. Dit betekent dat de drogestofopname voor afkalven superbelangrijk is. Hoe meer energie er tijdens de close-upperiode via het voer in komt, des te minder lichaamsvet hoeft te worden afgebroken. Vers en smakelijk voer is hierin leidend.

Lukt het niet om de droge stof op peil te houden, dan is het belangrijk om geconcentreerder te gaan voeren. Zorg ervoor dat de koeien voor afkalven meer energie naar binnen krijgen door middel van krachtvoeders of een energiedrank door het rantsoen. Een voorbeeld hiervan is glycerol, dit is naast goede energie ook erg smakelijk en zal de drogestofopname stimuleren.

B-vitamines ter ondersteuning

Daarnaast is het ondersteunen van de lever erg belangrijk. B-vitamines, zoals niacine en choline kunnen de lever ondersteunen. Niacine kan een koe helpen doordat ze minder lichaamsvet zal gaan afbreken. Tijdens de transitieperiode gebruikt de koe veel choline voor de groei en ontwikkeling van het kalf en na het kalven voor de biestproductie. Tijdens de transitieperiode heeft de koe gebrek aan choline.

Choline is een vitamine die ervoor zorgt dat de lever wordt ontvet. Het is een belangrijk onderdeel van ‘very low density lipids’, deze stoffen zijn nodig om vetbolletjes te verpakken in de lever zodat ze in de bloedbaan kunnen worden opgenomen voor transport naar de melkklier. Onder andere onderzoeker Ronald Zom heeft dit in 2011 aangetoond in zijn studie aan de Universiteit van Wageningen.

In 2013 vond onderzoeker Rosalinde Goselink van de Universiteit van Wageningen aanwijzingen dat de positieve effecten van het voeren van pensbestendige choline tijdens de transitieperiode langer duren dan enkel tijdens de vetmobilisatie. Dit komt doordat belangrijke genen voor het energiemetabolisme nog steeds verhoogd waren in week 6 van de lactatie, terwijl dan de vetgehaltes in de lever alweer verlaagd waren.

Vetgehalte lever significant verlaagd

Onderzoekers van de Universiteit van Florida vonden dit jaar het bewijs dat het voeren van pensbestendige choline het gehalte van glycogeen in de lever verhoogt. Hierdoor is er meer glucose beschikbaar voor de melkproductie en immuniteit. Ook zagen ze dat het vetgehalte van de lever significant werd verlaagd door pensbestendige choline (Dr. Santos 2022).

Wat hieruit snel kan worden geconcludeerd, is dat vooral bij vette koeien pensbestendige choline voeren belangrijk is. Maar ook koeien in een goede conditie tijdens de droogstand of koeien in een te schrale conditie laten dezelfde melkproductieverhoging zien wanneer ze pensbestendige choline gevoerd krijgen.

Het voeren van pensbestendige choline heeft meer positieve effecten, het leidt namelijk ook tot een hogere drogestofopname van de dieren in de transitiefase. Gemiddeld 0,2 kilo voor het afkalven en 0,5 kilo na afkalven (Arshad 2020). Daarnaast is aangetoond dat choline voeren tot een betere biestkwaliteit leidt en sterkere kalveren (Zenobi 2018).

Alleen in pensbestendige vorm

Let wel op! Deze vitamines kunnen alleen hun werking doen in pensbestendige vorm. Het voeren van deze vitamines is zo belangrijk, omdat een koe de lactatie start met een schonere lever. De kans op ketose wordt door deze producten aanzienlijk kleiner.

ReaShure XC is pensbestendige choline. Als van dit product 30 gram per koe wordt gevoerd in de laatste drie weken van de droogstand, mag worden verwacht dat de koeien na afkalven 1,3 liter melk per dag meer geven. Is er de mogelijkheid dit ook na afkalven vier weken lang door te voeren, dan blijkt uit uitgebreid onderzoek dat de productie 2,1 liter per dag stijgt. Een goed argument is dat de koeien de gehele lactatie een hogere productie blijken vast te houden.

Inschrijven nieuwsbrief

Blijf geïnformeerd om het beste uit uw bedrijf te halen
Nieuwsbrief

Onze merken